boring met pilootstang DN 1000
Grote diameter – grootse prestatie

Andreas Engel, Berliner Wasserbetriebe (BWB), Marco Knauer, Frisch & Faust Tiefbau GmbH, Hans-Joachim Risto, Steinzeug-Keramo GmbH

In 2012 heeft de Berlijnse Watermaatschappij (BWB) een openbare aanbesteding uitgeschreven voor de bouw van een 60 m lange afvalwaterleiding DN 1000 in de Bitterfelder Straße in Berlijn-Marzahn. Dit project was bijzonder omdat het ging om een bestaande spoorweg van de Deutschen Bahn AG (Duitse Spoorwegen) met drie te onderkruisen sporen. De aanleg van de afvalwaterleiding door middel van sleufloze techniek werd schriftelijk vereist.

Het is de ervaring die het VERSCHIL MAAKT

De firma Frisch & Faust Tiefbau GmbH uit Berlijn, een ervaren onderneming in de bouw van ondergrondse leidingen, maakte voor dit bouwproject gebruik van een piloot-gestuurdeboring met een machine van het type BM 500 van de firma Bohrtec GmbH, Alsdorf – en dat met succes. De keuze voor de methode met gres gresdoorpersbuizen in diameter DN 1000 was daarbij een primeur; de bestaande bouwgrond van zand en grind en ook het niveau van de grondwaterspiegel lieten deze methode echter probleemloos toe. De beslissing in het voordeel gresdoorpersbuizen werd om drie goede redenen genomen:

  • Er zijn geen bijkomende beschermbuizen onder de spoorwegen noodzakelijk. Het materiaal gres kan de dynamische belasting van het spoorwegverkeer zelf opvangen;
  • Doorpersbuizen hebben zich meermaals bewezen in combinatie met deze technologie;
  • Gres heeft een extreem lange levensduur.

Spoorwegspecifieke bouwvoorschriften nu ook tot DN 1400

Op het moment van de planning (2012) door de Berlijnse watermaatschappij waren gresbuissystemen in diameter DN 1000 nog niet in de bouwvoorschriften (EBRL – Eisenbahn-
spezifische Bauregellisten) van de Duitse rijksdienst voor het spoorwegverkeer (EBA, Eisenbahnbundesamt) opgenomen. Daarom namen de benodigde toelatingsprocedures voor het verkrijgen van een vergunning bij de Duitse spoorwegen vrij veel tijd in beslag.

Sinds mei 2013 is dat duidelijk eenvoudiger: nu kunnen ook gresbuissystemen met een nominale diameter tot en met DN 1400 in het lastbereik van het spoorwegverkeer gebruikt worden. Dat is schriftelijk vastgelegd in de spoorwegspecifieke bouwvoorschriften EBRL E A deel 1, volg- nr.: 1.3.1.4 in combinatie met bijlage E I.

Voor toekomstige doorpersprojecten zijn de toelatingsprocedures dan ook duidelijk vereenvoudigd.

Zonder problemen recht naar het doel

De beschoeiing van de startput werd uitgevoerd met Berlijnse wanden, de eindput werd door middel van een gewapend betonnen afzinkput met een diameter van 3,20 m uitgevoerd. De eigenlijke doorpersing verliep vlekkeloos, alle pilootstangen en stalen stangen en ook de ruimer voor het vergroten van de diameter werden in de eindput geborgen. Tot slot werd in de startput de eigenlijke inspectieput gebouwd in overeenstemming met de richtlijnen van de Berlijnse Watermaatschappij.

Fase 1

De pilootstang wordt met de stuurkop bodemverdringend in stelling gebracht. In de stuurkop bevindt er zich een target dat door een in hoogte en richting afstelbare theodoliet geobserveerd wordt. Door de stuurkop te draaien, wordt de gewenste richting aangehouden. Indien er tijdens deze fase een niet te verdringen hindernis opduikt, bestaat de mogelijkheid om de pilootstang terug te trekken en de doorpersing gecontroleerd te stoppen. 

Fase 2

Wanneer de pilootstang de eindput bereikt heeft, volgt de tweede fase. Dan wordt een recupereerbare stalen stang met een buitendiameter van 419 mm aan de pilootstang gekoppeld en de afgebouwde grond door middel van een avegaar naar de beginput getransporteerd. Tijdens deze tweede fase bestaat de mogelijkheid, na het opduiken van een niet te verdringen hindernis, de trekvaste stalen buizen terug te trekken en de lege ruimte terug op te vullen. 

Fase 3

Aan de recupereerbare stalen stang met buitendiameter 419 mm wordt een ruimer met een buitendiameter van 1280 mm  - met binnenin een hydraulische motor voor de aandrijving van de avegaar -  in de stalen stang gekoppeld. De wormschroeven worden nu in omgekeerde richting aangedreven en de afgebouwde grond wordt tot in de eindput getransporteerd. Achter de ruimer worden gresdoorpersbuizen gekoppeld en in de richting van de eindput aangedreven.

Voor het geval dat de ruimer op een hindernis stoot, zijn hierin drie openingen aanwezig die, zo nodig, gebruikt kunnen worden. Zo geraakt men aan het werkfront. Eventuele hindernissen kunnen nu handmatig uit de weg geruimd worden.

 
 

Opdrachtgever en planning: Berliner Wasserbetriebe (BWB) | Bouwuitvoering: Frisch & Faust Tiefbau GmbH, Berlin

 

LEES OOK